Van gezinnetjeskerk naar singletjeskerk?

Toen een single eens werd gevraagd of hij erover dacht om een relatie aan te gaan, vroeg hij subiet of dat soms moest. Er viel een ongemakkelijke stilte… Is single zijn, ondanks dat daar wel meer aandacht voor komt, een taboe in de kerk? Wat ligt er onder deze verlegenheid? 

Relatievorming en trouwen lijken vaak de (onuitgesproken) norm in de kerk. Geen wonder dat er weleens, op een wat uitdagende manier, over ‘gezinnetjeskerken’ wordt gesproken. Zeker, de single krijgt ook een plek. Je bent immers allereerst van Christus. En bij iedere doop wordt weer beleden dat we in één Geest gedoopt zijn en daarom één lichaam vormen (1 Korintiërs 12:12-13). Maar wat met het hart en de mond beleden wordt, krijgt niet zomaar handen en voeten in de praktijk van het kerkelijke leven.

Bekaaid
Juist omdat in onze ik-gerichte tijd een goede relatie niet vanzelfsprekend is, gaat het gesprek vaak over relaties en relatievorming. Denk aan de kerkelijke bezinning op het gebied van huwelijk en echtscheiding. Of denk aan de Marriage Course. Regelmatig wordt die vanuit kerkelijke gemeenten aangeboden en veel stellen doen daaraan mee. De kans is groot dat de predikant dat vervolgens aangrijpt om weer eens over het huwelijk te preken. Maar of het nu over goede relaties of juist over huwelijksproblemen gaat: de single is niet of slechts marginaal in beeld. Het idee kan bestaan dat een single vooral iets ‘nog niet’ is; nog niet getrouwd.

Datzelfde valt op, zij het op een andere manier, bij de toenemende aandacht voor homoseksualiteit. Op bijna iedere kerkenraadstafel hebben de afgelopen jaren notities gelegen over homoseksualiteit. Mede vanwege homo-emancipatiebewegingen buiten en binnen de kerk is er veel openheid gekomen over de homoseksuele levensoriëntatie. In vergelijking met al die openheid en al die gesprekken komt de single er nogal bekaaid vanaf. Zeker als je bedenkt dat de discussie over homoseksualiteit zich vaak toespitst op de vraag of homoseksuele gelovigen wel of geen (seksuele) relatie mogen aangaan. Relatievorming is dus opnieuw het onderliggende thema en daarbij komt de single niet in beeld. Ineens valt die ad rem reactie van die single – of hij soms een relatie zou moeten aangaan – goed te begrijpen. Evenals de ongemakkelijke stilte die op zijn vraag volgde. Relatievorming is het kader waarin het kerkelijke leven zich veelal afspeelt.

Kunstenaar
Of het merkwaardig is dat de kerk relatievorming centraal heeft staan, is even hard te ontkennen als te bevestigen. Ik begin met het eerste. Christenen kennen en vereren de schepper. Hij bedacht het om de mens vanaf het begin als man en vrouw te maken (Genesis 1:27). En Hij bedacht het om deze twee samen te brengen en één te maken (Genesis 2:24). Het mysterie van man en vrouw en hun trouwrelatie verwijst naar de door God gewilde, intieme liefdesrelatie tussen Christus en de gemeente (Efeziërs 5).

Op nietsverhullende en toch nergens platte manier beschrijft de Bijbel de geestelijke en lichamelijke liefde tussen man en vrouw (Hooglied). De schepper is een kunstenaar, zo prachtig als Hij man en vrouw en hun liefdesrelatie geschapen heeft (Hooglied 7:2c). Zowel het Oude als het Nieuwe Testament bevatten daarbij aanwijzingen voor een goede, heilzame levensweg van man en vrouw, in hun relatie en in hun gezin.

Zo bezien is het volstrekt normaal dat christenen relatievorming een centrale plek geven. Christenen die daarop afgeven lezen de Bijbel gewoon niet goed. Ze hebben waarschijnlijk net iets te lang in de spiegel van onze individualistische tijd gekeken voordat ze de heilige Schrift opendeden.

De trouw van de schepper aan zijn scheppingsbedoeling komt ook terug in onze statistieken. Het percentage singles dat zegt op zoek te zijn naar een relatie is nog altijd ongekend hoog. Ondanks onze westerse cultuur, die zich afkeert van ‘de christelijke God’, laat God voelen dat Hij niet terugkomt op zijn bedoeling met de mens. Hij schept de mens in en tot relatie. Dat blijkt steeds weer. Niet alleen uit de cijfers, maar ook uit de verzuchtingen van singles die hun ‘tegenover’ niet vinden en uit de dank die klinkt als iemand toch zijn tegenover vindt. De eeuwenoude uitroep van Adam – ‘eindelijk een gelijk aan mij’ (Genesis 2:24) – klinkt dan alsof die splinternieuw is.

City-solo’s
Toch geeft het te denken dat de single er zo bekaaid vanaf komt in de kerk. Allereerst omdat onze tijd simpelweg veel singles kent en hun aantal alleen maar zal toenemen. In 2010 woonden er 1,8 miljoen mensen van 18 tot 65 jaar alleen, terwijl dat er in 1995 1,4 miljoen waren (CBS, 2011). Die 1,8 miljoen worden ‘alleenwonenden’ genoemd, omdat ongeveer een kwart van hen een relatie heeft. Hoe dan ook: terwijl het percentage eenpersoonshuishoudens in 2011 36 procent bedroeg, is de verwachting dat dit in 2060 gestegen zal zijn tot 44 procent. Dat zijn percentages waar niemand omheen kan. Hoe kan het dan dat singles in het kerkelijke leven weinig in beeld zijn?

Vergelijk de kerkelijke omgang ook eens met de manier waarop de maatschappij inspringt op het toenemende aantal singles. De Groene Amsterdammer beschreef in zijn nummer van 18 september 2013 hoe steden steeds meer afgestemd worden op singles. In het artikel – dat overigens niet van singles maar van ‘city-solo’s’ sprak – ging het bijvoorbeeld over aanpassingen op de woningmarkt, in restaurants en bij ontmoetingsgelegenheden; allemaal gericht op het huidige en toekomstige perspectief van het leven van de single.

In haar boek Single in de kerk noemt Aukelien van Abbema een voorbeeld dat in dit licht extra merkwaardig overkomt. Ze citeert een gebed dat eens werd uitgesproken: ‘Heer, wilt u zijn met de zieken, degenen die geen baan hebben en zij die single zijn.’ Nou, dat is dan ook weer duidelijk!

Natuurlijk hoeft dit punt niet overdreven te worden. Er zijn veel bemoedigende signalen waaruit blijkt dat mensen, ongeacht of ze getrouwd of single zijn, volop hun plek in de gemeente vinden. Toch is er nog wel wat werk te verzetten.

Singletjeskerk
Ik denk dat dit werk begint bij een goede analyse. Waarmee krijgt de kerk precies te maken bij het verschijnsel van de single?

In onze tijd staat het individu centraal en domineert zelfontplooiing. In die zin is de single van vandaag te zien als een uiting van onze tijdgeest. Filosofen als Charles Taylor duiden die tijdgeest als de uitkomst van een eeuwenlang proces in onze westerse cultuur, een proces dat mede beïnvloed is door het christendom.

Het is belangrijk dat we ons realiseren dat deze tijdgeest veel meer betekent dan alleen dat het aantal singles toeneemt. Ook homoseksualiteit, zoals zich dat vandaag als levensgevoel voordoet, is niet los te zien van de tijdgeest waarin het individuele ik centraal staat (zie de OnderWeg van 27 juni 2015). En ook de hedendaagse trouwrelatie speelt zich volop in het ik-gerichte leefklimaat af. In 2010 zei het CBS dat relaties in de toekomst alleen nog maar minder bestendig zullen worden dan ze nu al zijn. De reden daarvoor is, volgens het CBS, dat mensen een partner zoeken voor hun eigen permanente geluk.

Hoe verschillend homoseksualiteit, single zijn en onbestendige trouwrelaties ook zijn, ze hebben met elkaar gemeen dat ze verschijnselen zijn die meekomen met onze ik-gerichte cultuur. Onze cultuur is per definitie relatieonzeker. Twintigers hebben het bijvoorbeeld liever over een ‘rela’ dan over een relatie. En steeds meer mensen kiezen voor contractloos samenwonen. Het klassieke huwelijk leidt een uitgeleefd bestaan in onze maatschappij (zie de relatiespecial van OnderWeg, 7 februari 2015).

Christenen krijgen, zij het met vertragende werking, net zo goed te maken met vragen rondom echtscheiding, homoseksualiteit en single zijn als ieder ander in de maatschappij. Daarom is het onzinnig om het gesprek toe te spitsen op de vraag of kerken wel of geen gezinnetjeskerken zijn. Uiteindelijk schiet niemand daar wat mee op. In Jezus zijn er geen getrouwden en geen singles (Galaten 3:28). We zullen een andere vraag moeten stellen, een vraag die betrekking heeft op het onderliggende patroon van onze tijd: hoe verhoudt het moderne ik zich tot het aangaan van een relatie?

Singlemens
Een antwoord op die vraag is niet zomaar te geven. Om te beginnen zullen we opnieuw de Bijbel moeten gaan lezen. In het allereerste begin ontdekken we iets bijzonders. Waar aan de ene kant staat dat God de mens als man en vrouw maakt (Genesis 1:27), wordt ook gezegd dat God alleen ‘de mens’ maakte (Genesis 2:7) en dat die ene mens de opdracht krijgt om de tuin te beheren en in cultuur te brengen. Deze ‘singlemens’ is verantwoording schuldig aan zijn schepper. De relatie waartoe de mens geschapen is, is allereerst die met de schepper zelf. ‘Naar U toe, Heer, zijn wij geschapen’, zegt kerkvader Augustinus in zijn Belijdenissen.

Als deze single-mens toch een tegenover mist, krijgt hij Eva. Het is zaak om op dit punt de Bijbel in Gewone Taal erbij te nemen. Daar staat schitterend beschreven wat er gebeurt als God Adam en Eva samenbrengt: ‘Ze worden samen helemaal één’ (Genesis 2:24). Alsof er niets veranderd is: nog steeds één mens! God wil door deze ene ‘Adam-Eva-mens’ aan deze wereld werken. Als de zonde in de wereld komt, roept God dan ook geen echtpaar ter verantwoording. De méns wordt geroepen (Genesis 3:9). De vroúw wordt aangesproken (Genesis 3:13). Alsof ze als singlemens voor hun schepper staan.

Wie de Bijbel vervolgens met reuzensprongen verder leest, ontdekt dit patroon nog veel sterker. Jezus zegt dat met zijn komst het koninkrijk, waarin niet meer getrouwd wordt, is aangebroken (Matteüs 3:2, 4:17, 22:30). Ieder moet leren om zichzelf los te laten en Hem te volgen (Matteüs 16:24). Een christen is per definitie single voor wat betreft de menselijke relatiesfeer; je bent allereerst geroepen om Christus te volgen.

Paulus moedigt in die lijn het single zijn aan, zodat je je kunt toewijden aan het koninkrijk (1 Korintiërs 7). De apostel geeft ook geen adviezen aan ‘stelletjes’. Zijn oproep aan de man is dat hij zijn vrouw liefheeft zoals Christus de gemeente liefheeft, zijn oproep aan de vrouw is dat zij haar man gehoorzaamt zoals de gemeente de Heer gehoorzaamt (Efeziërs 5). Jézus is het nieuwe richtpunt dat God aan de (on)getrouwde singlemens geeft.

Schaamteloos
Onze ik-gerichte tijd dwingt ons om opnieuw de Bijbel te lezen. Juist daarin is veel perspectief te ontdekken. Christenen kunnen nog weleens mopperen op het ik-gerichte van onze tijd. En er zijn zeker veel valkuilen als we niet goed in de gaten hebben hoe het huidige tijdsgewricht ons in de greep kan houden. Maar de andere kant is er ook. Als we (op)nieuw Bijbel gaan lezen, ontdekken we steeds die andere Ik. Eén die nog veel harder dan al onze ikjes bij elkaar roept: ‘Ik! Ik ben de weg, Ik ben de waarheid, Ik ben het leven, Ik ben de goede herder, Ik ben de opstanding, Ik ben de deur…’ Jezus zegt het steeds, met name in het evangelie van Johannes. En niemand is zo ‘schaamteloos’ als God: Hij presteert het om in een paar zinnen wel tien keer ‘Ik’ te zeggen als het gaat om zijn relatie met de vader van alle gelovigen (Genesis 17:1-8, 22:13-15). Als christenen zich met volle aandacht op die God en verlosser richten, komt het in al hun andere relaties ook goed.

OnderWeg, zaterdag 6 februari 2016; themanummer Single in de kerk.

Dit artikel is, net als de artikelen waarnaar hierboven wordt verwezen, een uitwerking van mijn blogpost Relatievorming anno nu. Pleidooi voor een holistische benadering (November 2014).

Zie hier voor een preek met liturgie over single in de kerk.

 

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s